Fabio Bonizzoni | La Risonanza

Harpsichord Concertos Vol. 1

Price: € 19.95
Format: SACD
Label: Challenge Classics
UPC: 0608917277326
Catnr: CC 72773
Release date: 04 May 2018
Buy
1 SACD
✓ in stock
€ 19.95
Buy
 
Label
Challenge Classics
UPC
0608917277326
Catalogue number
CC 72773
Release date
04 May 2018

"Contagious rhythms, set in passionate teamwork, in combination with a perfect sound reproduction, makes this recording into a party."

Stretto, 10-4-2019
Album
Artist(s)
Composer(s)
Press
EN
NL
DE

About the album

This is the first volume in a complete survey of Bach’s harpsichord concertos, recorded by La Risonanza in one-to-a-part practice performance.

With his Fifth Brandenburg Concerto of 1719, Bach had created the first ever harpsichord concerto. From 1729, in Leipzig, the opportunity arose to continue this experiment: each week at Café Zimmermann he conducted his Collegium musicum in orchestral concerts that lasted around two hours. In the summer of 1733, he took delivery of “a new harpsichord, the like of which has not been heard before around here”. This magnificent instrument, which featured at the Zimmermann concerts, urgently called for concertos to be played by himself as soloist, and even more so his sons and students. Not only in Saxony but also well beyond, Bach was considered to be the absolute authority in all things harpsichord and organ; he thus had to make his own contribution to the emerging genre of the “clavier concerto”. The manuscript of his six harpsichord concertos BWV1052 to 1057 should therefore be understood as a repertoire collection for his Collegium musicum, and as a compositional manifesto.

Within the six concertos, each work takes on a specific function: The D minor concerto is the longest, most virtuosic and most Italianate of the collection. The stormy and sombre concerto is followed by the serene and cantabile E major concerto which, as Joshua Rifkin has convincingly argued, may well be based on a lost oboe concerto in E flat major
Whilst the concertos in D minor and E major are substantial works, the concertos in A major and F minor are far more compact. Both display noticeable influences of the galant style and were therefore probably not written before 1730.

Fabio Bonizzoni, een van de meest getalenteerde en fantasievolle klavecinisten van deze tijd, en zijn ensemble La Risonanza hebben twee albums opgenomen met alle klavecimbelconcerten van Johann Sebastian Bach. In dit succesvolle eerste deel horen we de concerten BWV 1052, BWV 1053, BWV 1055 en BWV 1056. Bonnizzoni heeft geloofwaardig werk verricht. In de uitvoering van deze concerto's horen we de zeldzame praktijk waarbij elke partij door slechts één instrument gespeeld wordt. Op die manier wordt een kamermuzikaal karakter gecreëerd. Fabio Bonizzoni overtuigt met een visie waarbij geen muzikale strijd gevoerd wordt tussen solist en ensemble, maar alle instrumenten een hecht geheel vormen.

Compositorisch manifest

Met zijn Vijfde Brandenburgse Concert uit 1719 creëerde Bach het eerste klavecimbelconcert ooit. Vanaf 1729 kreeg hij de gelegenheid om dit experiment voort te zetten: in Café Zimmermann in Leipzig dirigeerde hij elke week zijn Collegium musicum in orkestrale concerten die rond de twee uur duurden. In de zomer van 1733 kreeg de componist de beschikking over een nieuw soort instrument met een toentertijd onbekende klank. Of het een forte-piano was of een net geïntroduceerd instrument, clacimbel genoemd, met een andere mechaniek dan forte en piano, daar zijn de meningen nog steeds over verdeeld, maar dat het instrument een prachtige klank had daarvan was iedereen overtuigd. Dit nieuwe instrument werd tijdens de Zimmermann-concerten gebruikt en vroeg welhaast om concerten die door Bach zelf, of zijn zoons of studenten als solisten gespeeld moesten worden. Bach werd niet alleen in Saksen, maar ook ver daarbuiten beschouwd als de absolute autoriteit op het gebied van klavecimbel en orgel; hij moest dus wel zijn eigen bijdrage leveren aan het opkomende genre van het “klavierconcert”. Het manuscript van zijn zes klavecimbelconcerten BWV 1052 tot 1057 moet dan ook beschouwd worden als een repertoirecollectie voor zijn Collegium musicum, en als een compositorisch manifest.

Specifieke functies

Elk van de zes concerten in het manuscript heeft een specifieke functie: Het concert BWV 1052 in d-klein, geschreven rond 1738, is het langste, meest virtuoze en meest Italiaanse van de collectie. Het stormachtige en sombere concert wordt gevolgd door BWV 1053, het serene cantabile-concert in E-groot uit Bachs Köthen-periode rond 1720 dat, zoals Joshua Rifkin met overtuiging beweert, mogelijk op een verloren hoboconcert in Es groot gebaseerd is. Terwijl de concerten in d-klein en E-groot omvangrijke werken zijn, zijn de concerten in BWV 1055 A-groot en BWV 1056 f-klein veel compacter. Beide vertonen duidelijke invloeden van de galante stijl en zijn om die reden waarschijnlijk niet gecomponeerd voor 1730.

Fabio Bonizzoni

De Italiaanse dirigent Fabio Bonizzoni studeerde cum laude af in orgel en klavecimbel. In 1987 kwam hij naar Nederland om verder te studeren aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. Na enkele jaren met bekende barokorkesten gespeeld te hebben, richtte hij zijn eigen ensemble La Risonanza op.

Lees op MeloMe ook de ingekorte versie van een artikel van Michel Dutrieue van Stretto over de twee albums van La Risonanza met de klavierconcerten van Bach.
Dies ist die erste CD einer umfassenden Betrachtung von Bachs Cembalokonzerten, aufgenommen von La Risonanza mit Einzelbesetzung aller Stimmen.

Mit seinem Fünften Brandenburger Konzert aus dem Jahre 1719 schuf Bach das erste Cembalokonzert. 1729 ergab sich in Leipzig die Gelegenheit, dieses Experiment fortzusetzen: Wöchentlich dirigierte er im Café Zimmermann sein Collegium musicum in etwa zweistündigen Orchesterkonzerten. Im Sommer 1733 lieferte man ihm ein neues Cembalo, wie man dort zuvor noch keines gehört hatte. Dieses prächtige Instrument, das auch in den Zimmermann-Konzerten zu hören war, verlangte nach Konzerten, die Bach selbst, seine Söhne sowie seine Schüler als Solisten interpretierten. Bach galt weit über die Landesgrenzen Sachsens hinaus als absoluter Experte was das Cembalo und die Orgel betraf. So musste auch er seinen Beitrag zur sich entwickelnden Gattung des „Clavierkonzertes“ leisten. Das Manuskript zu seinen sechs Cembalokonzerten BWV 1052 und BWV 1057 sollten daher als Repertoiresammlung für sein Collegium musicum verstanden werden, und auch als kompositorisches Manifest.

Innerhalb der sechs Konzerte hat jedes Werk besondere Funktion inne: Das d-Moll-Konzert ist das längste, virtuoseste und italienischste der Sammlung. Auf das stürmische und düstere Moll-Konzert folgt das unbeschwerte, cantabile-Konzert in E-Dur, das, wie Joshua Rifkin überzeugend argumentiert, womöglich auf einem verlorenen Oboenkonzert in Es-Dur basiert.
Während diese beiden Konzerte von großer Substanz sind, sind die Konzerte in A-Dur und f-Moll deutlich kompakter. Beide zeigen deutliche Einflüsse des galanten Stils und entstanden wahrscheinlich nicht vor 1730.

Artist(s)

Fabio Bonizzoni, one of the leading Italian harpsichordists and organists of his generation, graduated in organ, organ composition and harpsichord at the Royal Conservatorium in The Hague in Ton Koopman’s class.

After having played for several years with some of the most important orchestras specializing in early music (Amsterdam Baroque, Le Concert des Nations, Europa Galante), from 2004 he exclusively devotes himself to his activities as soloist and director, in particular of his own orchestra La Risonanza.

Furthermore, he is harpsichord professor at the Royal Conservatory of The Hague (Holland) and in Italy at the Conservatory of Novara; he is founder and president of the Associazione Hendel, a society devoted to the studies of Handel’s music in Italy.

As a soloist he has been recording for many years for the Spanish label Glossa. His discography includes works by Claudio Merulo, Giovanni Salvatore, Giovanni Picchi, Francesco Geminiani, Bernardo Storace, Domenico Scarlatti and Johann Sebastian Bach (Goldberg Variations and the Art of Fugue). His latest release is devoted to the two books of toccatas of Girolamo Frescobaldi.

In 2010 he has completed with La Risonanza the project of recording the complete Italian Cantatas with instruments by G.F. Handel: this project has been defined by Gramophone magazine as the most important of the decade, and 3 of the 7 CDs have been awarded the prestigious Handel Stanley Sadie Prize. The last disc of this series, Apollo e Dafne , won a Gramophone Award in 2011.

His activity is also enriched by commitments as guest conductor: in recent times he has been invited by Capella Cracoviensis and Wroclaw Baroque Orchestra in Poland, by the Holland Bach Society in The Netherlands and by the Orchestra Barroca de Sevilla. Furthermore, he has conducted the orchestra of Teatro alla Scala in Milan in a new ballet called L’altro Casanova.

Since 2014 he is artistic director of Note Etiche, a festival focusing on links between music, ethics and finance, and, from 2016 he and his orchestra enjoy an artistic residence at Palazzina Liberty in their hometown Milan.

Composer(s)

Press

Contagious rhythms, set in passionate teamwork, in combination with a perfect sound reproduction, makes this recording into a party.
Stretto, 10-4-2019

The Challenge Classics recording, as heard from the high-definition stereo layer is very good – clear but warm.
MusicWeb international, 02-11-2018

Harpsichordist Fabio Bonizzoni does a credible job in integrating the concertos so that they appear not as a soloist versus the ensemble, but rather as an integral part. 
Fanfare, 01-11-2018

Natural and uncomplicated. In Bach that's a pretty good balance to bave.
Gramophone, 03-9-2018

Bonizzoni chose a one-to-a-part performance...an option that - also thanks to the superb quality of the recording - doesn't jeopardize the presence, the drama nor the expressivity of these works, while it extolling some details, the rhetoric, some magic moment: like in the Adagio of the BWV 1056.  
Amadeus Magazine, 03-8-2018

Inspired performances with a remarkably warm and well textured sound.
Pizzicato, 05-6-2018

Extremely colorful and dynamic, with a lot of energy, but also with rhythmic sophistication.
Opus Klassiek, 18-5-2018

Catchy rhythms, driven encased combination, coupled with perfect sound reproduction, make this recording a feast. The Italian musician Bonizzoni leads his ensemble perfectly to the example of Bach, who composed his concerti according to the Italian model. Quality assured!
Stretto, 05-5-2018

Play album

You might also like..

50th Anniversary
La Petite Bande | Sigiswald Kuijken
Tales from Norway
Krishna Nagaraja | Meta4
The Sonatas for Violin and Cembalo obbligato Vol. 1
Fabio Bonizzoni | Ryo Terakado
Famous Cantatas Vol. 1
Ton Koopman / The Amsterdam Baroque Orchestra & Choir
Goldberg Variations
Hannes Minnaar
Complete Chamber Music
Ton Koopman
Cieco Amor - Opera arias written for Giuseppe Maria Boschi
Sergio Foresti / Abchordis Ensemble / Andrea Buccarella
Die Kunst der Fuga, BWV 1080 (Mus. ms. Bach P 200)
Alberto Rasi / Accademia Strumentale Italiana
Keyboard Variations
Ewald Demeyere
L’Arte di diminuire
L'Estro d'Orfeo
Opera Omnia - Buxtehude Collector's Box (30cd's & 1DVD)
Ton Koopman
Complete Bach Cantatas Vol. 1-22 (box set)
Ton Koopman & Amsterdam Baroque Orchestra & Choir