Kuijken String Quartet

Requiem KV 626 - Version for string quartet by Peter Lichtenthal (1780-1853)

Price: € 17.95
Format: CD
Label: Challenge Classics
UPC: 0608917285420
Catnr: CC 72854
Release date: 26 March 2021
Buy
1 CD
✓ in stock
€ 17.95
Buy
 
Label
Challenge Classics
UPC
0608917285420
Catalogue number
CC 72854
Release date
26 March 2021

"The Kuijken’s performance is transparent, articulate, warm of tone, and stylistically expert, and is complemented by clear and open recorded sound. This is an offbeat disc which I recommend to lovers of string chamber music. "

Fanfare magazine, 01-3-2022
Album
Artist(s)
Composer(s)
Press
EN
NL
DE

About the album

Transcriptions for string quartet by the composer or someone else was common practice in Mozarts time. In that light this string-version of Mozart's Requiem is nothing special. What makes it special, is the circumstance of the original Requiem itself. It is known that Mozart left the majority of the work incompleted, and that on request of Mozart's widow, his pupil Süssmayer did the finishing job. Where one's work ends and the other's starts, no-one knows. This 'skeleton-version' of the Requiem, however, fully preserves the eloquence of Mozart's music and therefore perhaps proves that the Requiem contains more of the masters own composing than we can objectively establish. But incomplete as the Requiem is, Mozart's universal genius radiates through the notes in any version. And if anyone can bring the radiation to the surface in this version, no one better than the Kuijken Kwartet.
Het 'geraamte' van het Requiem, met zijn volledige zeggingskracht
In deze opname hoort u het Requiem van Wolfgang Amadeus Mozart, in een door Peter Lichtenthal bewerkte versie voor strijkkwartet. Het Kuijken String Quartet maakt er een onvolprezen uitvoering van.

Over het ontstaan van het laatste onvoltooide werk het Requiem van Mozart, doen geromantiseerde verhalen de ronde. Die geschiedenis helemaal uitleggen voert hier te ver, maar een tipje van de sluier kunnen we wel oplichten. Aan het begin van zijn laatste levensjaar 1791 kreeg Mozart via een boodschapper een anonieme brief met het verzoek een requiem te schrijven. Geld speelde geen rol, maar de mis moest na oplevering exclusief eigendom worden van de opdrachtgever. Mozart mocht geen pogingen doen om zijn identiteit te achterhalen.

Nu stond ene Graaf Walsegg er indertijd om bekend, dat hij graag pronkte met andermans veren. Hij kocht regelmatig het eigendomsrecht van composities, kopieerde de partituren, zette zijn naam eronder en liet de muziek onder zijn naam uitvoeren. Natuurlijk was hij de anonieme opdrachtgever. Met het requiem wilde de graaf zijn jong overleden vrouw eren. Mozart accepteerde de opdracht, maar was eigenlijk te druk. Onder andere met de opera die hij voor de kroning van Keizer Leopold II moest schrijven. Pas in het najaar begon hij aan zijn Requiem, in de hoop het stuk in 1792 op te leveren. Het lot beschikte anders. De componist overleed na een kort ziekbed op 5 december 1791. Alleen het eerste deel, het Introïtus, van het requiem was in partituur opgeschreven. Verder had Mozart alleen nog zangstemmen en belangrijke instrumentale partijen gecomponeerd.

Constanze, de weduwe van Mozart, had grote geldzorgen en wilde dat het werk van haar man afgemaakt en opgeleverd zou worden. Zij benaderde diverse componisten, maar geen van allen slaagden erin het werk te voltooien. Op het laatst kreeg Mozarts leerling Franz Xaver Süssmayr het manuscript in handen. Hij kopieerde de partituur, vulde ontbrekende partijen aan, componeerde zelf onderdelen en gebruikte de, al door Mozart, geschreven muziek. Zo kreeg het Requiem zijn uiteindelijke gedaante. Een kopie ging naar een uitgever en Graaf Walsegg kreeg het origineel van Süssmayr, wiens handschrift erg leek op dat van Mozart. Graaf Walsegg schreef 'zijn' requiem direct over en liet er partijen van maken. Bij gebrek aan musici kon hij het pas in 1793 laten uitvoeren, waarbij hij beweerde dat het zijn eigen compositie was. De musici wisten wel beter.

Mozart werd na zijn dood niet vergeten. Verschillende musici waren fervente pleitbezorgers van zijn werk. Waaronder de arts Peter Lichtenthal, tevens musicoloog en componist. Hij raakte bevriend met Carl Thomas, de zoon van Mozart. Zo kreeg kreeg hij uit de eerste hand, feiten uit het leven van Mozart te horen, die hij verwerkte in zijn Mozart-biografie. Lichtenthal bewerkte verschillende muziekstukken van de componist, zoals die voor het strijkkwartet van het Requiem. In die tijd was het niet ongewoon dat grote symfonische composities bewerkt werden voor kamermuziek, zodat ze ook in huiselijke kring uitgevoerd konden worden.

Sigiswald Kuijken stelt op grond van onderzoek dat het uitgangspunt van Lichtenthals bewerking van het Requiem de voltooide versie van Süssmayr moet zijn geweest, die hij waarschijnlijk via Carl Thomas Mozart in handen kreeg. Kuijken denkt ook dat Süssmayr over instructies van Mozart moet hebben beschikt. De versie voor strijkkwartet geeft feitelijk niet meer dan het ‘geraamte’ van de muziek weer. Toch blijft de zeggingskracht van Mozarts muziek geheel behouden. Misschien het bewijs dat het Requiem meer muziek van Mozart bevat, dan we objectief kunnen vaststellen. Hoe onvoltooid het werk ook is, Mozarts grootsheid schittert altijd door de noten heen. En als één ensemble deze genialiteit aan de oppervlakte kan brengen, dan is het wel het Kuijken String Quartet!
Transkriptionen für Streichquartette durch den Komponisten oder einen Dritten waren zu Mozarts Zeiten durchaus üblich. So gesehen ist diese Streicherversion von Mozarts Requiem nichts Besonderes. Was sie besonders macht, ist der Umstand des originalen Requiems selbst.
Es ist bekannt, dass Mozart den größten Teil des Werkes unvollendet ließ, und dass auf Wunsch von Mozarts Witwe sein Schüler Süssmayer die Fertigstellung übernahm. Wo die Arbeit des einen endet und die des anderen beginnt, weiß niemand. Diese "Skelettversion" des Requiems bewahrt jedoch vollständig die Eloquenz von Mozarts Musik und beweist daher vielleicht, dass das Requiem mehr von der eigenen Komposition des Meisters enthält, als wir objektiv feststellen können.

Aber so unvollständig das Requiem auch ist, Mozarts universelles Genie strahlt in jeder Version durch die Noten hindurch. Und wenn jemand diese Leuchtkraft in dieser Version an die Oberfläche bringen kann, dann niemand besser als das Kuijken Kwartet.

Artist(s)

The Kuijken String Quartet
Comprising Sigiswald Kuijken and François Fernandez (violins), Marleen Thiers (viola) and Wieland Kuijken (cello), the Kuijken String Quartet was founded in 1986. The ensemble focuses on the string quartets of Haydn and Mozart. The players all enjoy many years of international renown for their important contribution to a more authentic and historically grounded approach to playing string instruments, having appeared both as soloists and in other ensembles. Since 1986 the Kuijken String Quartet has appeared in almost all European countries, as well as in Australia, the United States and Japan.

Pierre-Yves Madeuf, horn
Pierre-Yves Madeuf was born in 1970 in Clermont-Ferrand (France). He studied at the Conservatory of Lyon, where he was awarded first prizes for horn and chamber music. He studied early music at the Schola Cantorum Basiliensis (Switzerland) and at the Ecole Superieure de la Musique in Paris, where he was awarded the first prize for horn in 2000. Pierre-Yves Madeuf appears frequently with ensembles like La Petite Bande (S. Kuijken), Orchestre des Champs- Elysées (Ph. Herreweghe), Orchestre de La Grande Ecurie et la Chambre du Roy (J.C. Malgoire), and the Chambre Philharmonique (E. Krivine).

Patrick Beaugiraud, oboe
After studying oboe with César Ognibène in Valence, Patrick Beaugiraud obtains his “diplôme d’études supérieures” at the Conservatory of Lyon. He continues his studies with Maurice Borgue in Paris and Heinz Holliger in Freiburg. As an early music lover he develops particular interest in con- temporary instruments. He played with famous ensembles such as La Petite Bande, Les Talens Lyriques, Les Musiciens du Louvre, Concerto Köln, English Baroque Orchestra, La Chapelle Royale and the Amsterdam Baroque Orchestra.

As a soloist, Patrick Beaugiraud worked with Sigiswald Kuijken, Anne Sofie von Otter, Natalie Dessay, Christophe Rousset and Andreas Scholl. He teaches baroque oboe at the Conservatoire National Supérieur de Musique de Lyon.

Press

The Kuijken’s performance is transparent, articulate, warm of tone, and stylistically expert, and is complemented by clear and open recorded sound. This is an offbeat disc which I recommend to lovers of string chamber music. 
Fanfare magazine, 01-3-2022

Play album

You might also like..

50th Anniversary
La Petite Bande | Sigiswald Kuijken
Mozart en famille
Kuijken Trio
Matthäus-Passion - BWV 244 (reissue)
La Petite Bande
Weihnachtsoratorium (reissue)
La Petite Bande / Sigiswald Kuijken
Piano Quartets K. 493 & K. 478
Kuijken Piano Quartet
Piano Concertos KV. 413, KV. 414 & KV. 415
La Petite Bande
String Quintet D. 956 (Op. posth. 163)
Kuijken Quartet
Weihnachtsoratorium
La Petite Bande / Sigiswald Kuijken
Johannes Passion BWV 245
La Petite Bande
String Quartets op. 59, String Quintet op. 29
Kuijken Quartet